Mourvèdre

mourvèdre

Op deze aardbol schijnen zo’n achtduizend verschillende druivensoorten te bestaan. ‘Slechts’ een paar honderd daarvan zijn geschikt om wijn van te maken. Dat maakt van kiezen nog steeds geen koud kunstje. De wijnindustrie probeert ons een handje te helpen door de vijf belangrijkste als wereldmerken te positioneren. 

Chardonnay en sauvignon blanc voor wit en merlot, cabernet sauvignon en syrah (of shiraz) voor rood worden tegenwoordig groter op het etiket gedrukt dan de namen van het domein of het château dat de druif heeft helpen opgroeien.Voor wie niet kan kiezen uit De Grote Vijf wordt het een stuk lastiger. Helemaal als we te maken krijgen met een druif die kampt met een identiteitscrisis. In de wijnliteratuur komt hij voor met vijfentwintig benamingen. Zijn beroemdste is hem gegeven door de Fransen die hem kennen als mourvèdre, in Californië en Australië wordt hij mataro genoemd en de Spanjaarden hebben ‘m als monastrell in de wijngaarden staan. 

Om de verwarring compleet te maken zou het bovendien logischer zijn geweest als de monastrell in Spanje mourvèdre of mataro had geheten. Want de druif schijnt zijn roots te hebben in Murviedro, vlakbij Valencia. Terwijl de wijnmakers in de buurt van Mataró in Catalonië juist menen dat hij bij hun uit de buurt komt. Hoe dan ook, in Frankrijk heet hij mourvèdre. Thuisbasis: Zuid-Frankrijk. Want op het moment dat hij noordelijker dan Châteauneuf-du-Pape wordt aangeplant, wordt rijpen problematisch. 

Vaak wordt hij er geblend met druiven die ook wel van een beetje zon houden, zoals syrah en grenache. Slechts zelden is er een solo-optreden voor hem weggelegd. Alleen in Bandol in de Provence worden er indrukwekkende resultaten geboekt met 100% mourvèdre (minimaal 50% is verplicht). 

Opvallend is dat vooral de mourvèdre in het boeket nadrukkelijk de ‘wildgedachte’ onderstreept. Een evident geval van ‘road kill’ zoals Australische wijnmakers dat noemen. Vrij vertaald: snelwegpizza. Platgereden dier op asfalt. Een zweem van adellijk wild, de geur van herfstaarde en delicaat bederf als van rijpe camembert. Niet schrikken: in de mond is er fruit. Donkere kersen, zwarte bessen, en paddenstoelen. Fijne zuren.