Gamay

gamay

Niet al te zwaar. Een niet al te hoog alcoholpercentage. Niet al te heftige tannines. Soepel in de mond. Veel fruit. En wat koeler te drinken. Voornoemd daderprofiel wijst al snel richting de gamay, de druif die tekent voor Beaujolais. 

Maar laat dit rood nu juist de laatste jaren in Nederland  (en overigens ook in andere landen) in rap tempo een groot aantal liefhebbers hebben verloren. Beaujolais Primeur raakt steeds meer in de vergetelheid. En ook de ‘serieuzere’ uitvoeringen zorgen niet voor gedrang bij de kassa’s. Veel wijndrinkers schijnen liever slecht gemaakt pinot noir of kale merlot te drinken dan voor hetzelfde geld (of voordeliger) Beaujolais. 

Toegegeven, echt goede waren ook met een lantaarntje te zoeken. Maar ze zijn er. Let op die van Marcel Lapierre, Château Cambon, Jean Foillard en Domaine du Vissoux.  Uit de  Côtes du Forez, een buurtregio van Beaujolais, is de gamay van Vignerons Foréziens toe te juichen. Omdat het een op en top verrukkelijke, biologische, bijna gevaarlijk doordrinkbare wijn is. 

Een bombardement van vrolijk, fris rood fruit, vooral kersen, maar ook een miniem spoortje banaan en een pepertje op zijn eind, zodat je meteen verlangt naar de volgende slok. Ook in het hoge noorden doet de gamay overigens van zich spreken. In de Loire wordt het genieten met Domaine de Souterrains. Die is wat romiger, wat bramiger en wat ‘donkerder’ dan gamay uit het zuiden. Met een spoortje zoet van geroosterde paprika en zon doorstoofde tomaat.